Posts

Straatkroniek: Onbeschoft

Afbeelding
In Den Bosch stappen vier mensen in de trein: een jongen met een BMX-fiets, twee Turkse toeristes met grote koffers op weg naar Schiphol en een vrouw in trainingspak. Ze heeft aardig wat tatoeages, een piercing door haar lip en een behoorlijk aantal kilo's teveel om de buik. Ze gaat tegenover me zitten en zet haar tas op de stoel naast haar. De jongen met de BMX zet zijn fiets tegen twee van de klapstoeltjes in de fietsafdeling en wil op het stoeltje daarnaast gaat zitten. De Turkse vrouwen willen ook graag naast elkaar zitten, en vragen hem of zij misschien die twee klapstoeltjes naast zijn fiets kunnen gebruiken. De jongen aarzelt even, knikt dan, kijkt mijn overbuurvrouw en naar de met een tas bezette zitplaats en besluit uiteindelijk op het trappetje naar de bovenste verdieping te gaan zitten. Die overbuurvrouw kijkt me veelbetekenend aan. "Typisch hè?" Ik vraag wat ze bedoelt. "Nou, buitenlanders!" Ik begrijp haar nog steeds niet. "Nou, dat is toch...

Gouden Eeuw? Niet in Brabant

Afbeelding
De Papenbril De Papenbril. Zo noemden de Bosschenaren het fort dat na 1629 net buiten de stadsmuren verrees. Het moest de stad verdedigen tegen de Spanjaarden, maar dat niet alleen. Veel inwoners waren katholiek en Spaansgezind en de Citadel, zoals het bouwwerk tegenwoordig heet, was mede bedoeld om eventuele opstanden in de stad in de kiem te smoren. Om de kanonnen daarvoor schootsveld te geven, werd een deel van de huizen gesloopt. Stadhouder Frederik Hendrik, die het fort liet bouwen, had er enkele maanden overgedaan om de stad op de Spanjaarden te veroveren. Den Bosch was niet alleen van strategisch belang, maar gold ook als onbetrouwbaar. Per slot van rekening hadden de katholieke Bosschenaren in 1579 na anti-protestantse rellen zelf de Spaanse kant gekozen. Die verovering voelde destijds als een bezetting, zeggen historici Wouter Loeff en Robin Hoeks van Erfgoed Brabant in Den Bosch. Bosschenaren mochten heel veel niet meer. De schutterij moest haar wapens en vaandels inlev...

Conservatief tegen Orbán

Afbeelding
Orbán en Jeszenszky in 2002 Als conservatief en christen zag de Hongaarse oud-minister van buitenlandse zaken Géza Jeszenszky bij de verkiezingen in 2010 maar één optie: op Viktor Orbán stemmen. Je kon wel kritiek op hem hebben, maar zijn doelen waren eerlijk en goed, meende hij destijds. Ruim de helft van de Hongaren dacht er zo net over en Orbáns tegenstander, interim-premier Gordon Bajnai, maakte eigenlijk geen kans. Een misvatting, meent hij inmiddels. De corruptie en machtsmisbruik, Orbáns greep op de Hongaarse pers, zijn vriendschap met Putin: als een van de prominentste politici uit de eerste post-communistische Hongaarse regering ziet Jeszenszky het tegenwoordig als morele plicht zich over ontwikkelingen uit te spreken: “Andere mensen zijn vanwege werk of familie niet in die positie.” Bij de gemeenteraadsverkiezingen vorig jaar oktober steunde hij de oppositie. Ook in 2010 had Jeszenszky wel twijfels: “Nadat Orbán in 2002 als premier verslagen was, zei hij openlijk dat ...

Vroeger was alles beter: 570 bankovervallen, 30.000 heroïnejunks.

Afbeelding
Winkeloverval in Ridderkerk, bewakingscamera Wie de berichten op Twitter en Facebook leest, ontkomt haast niet aan het gevoel: Nederland is super-onveilig en de criminaliteit op een ongekend hoogtepunt. De misdaad gedaald? Een leugen, zeggen ze. Dat komt gewoon omdat er geen aangifte meer wordt gedaan. De cijfers vertellen een ander verhaal. Waar zelfs ontkenners moeilijk onderuit kunnen - iedereen begrijpt dat bij moord en doodslag eigenlijk altijd de politie wordt ingeschakeld - is de daling van het aantal moorden: 119 vorig jaar, tegenover 264 in het jaar 2000. Dit jaar  werden tot begin december 101 mensen vermoord. Omgerekend naar de bevolking betekent dat dat in 2000 één op de 60.090 Nederlanders door moord of doodslag om het leven kwam en afgelopen jaar één op 144.373. Daarmee zijn we terug op het niveau van begin jaren zeventig. Topjaren Nu staat moord een beetje los van de rest van de criminaliteit. Maar daar zie je precies dezelfde trends. Echte topjaren - vanuit...

Fake-nieuws, Timisoara 1989

Afbeelding
Roemenië, begin jaren negentig. In mijn herinnering was het somber en nat weer, maar dat hoeft het helemaal niet geweest te zijn. Ook met stralende zon waren de tientallen lijken die ze eind december 1989 in de Roemeense stad Timisoara hadden opgegraven, een deprimerend gezicht. Het waren mijn eerste doden, maar wat het vooral deed, was het verhaal erbij: het waren slachtoffers van de Securitate, de Roemeense communistische geheime dienst, die in de week daarvoor waren gemarteld en vermoord. Tenminste, dat vertelde de vrouwelijke arts in haar witte jas die op het kerkhof waar de lichamen waren gevonden, uitleg aan journalisten gaf. Ik moet bekennen, ik twijfelde toen al een beetje. De lichamen lagen op witte doeken. Een deel van de lijken was wel erg vergaan. Er zaten baby's tussen. En ze hadden allemaal dezelfde verwonding: een snee over de buik die eindigde in een V-vorm over de borst. Bij allemaal was de incisie met ruwe steken weer dichtgenaaid. Ik vroeg ernaar. Ja, zei d...

Het gewicht van de geschiedenis

Afbeelding
Herdenking op de dag van de Martelaren in Vác We woonden in 1990 net in Hongarije toen we naar het plaatsje Zsámbék gingen om de feestelijkheden voor de 15de maart bij te wonen. Het communisme was net gevallen en voor het eerst in decennia konden de Hongaren die dag, de herdenking van de opstand tegen tegen de Habsburgse keizer in 1848, vrij vieren. De communisten hadden dat altijd verboden, omdat de machthebbers vreesden dat zo'n herdenking op protesten tegen Moskou zou uitlopen. Een grote groep dorpelingen met groen-wit-rode cocardes op de borst trok in optocht naar een lokaal monument. Daar zong iedereen na het aanhoren van een lange speech het droefklinkende Hongaarse volkslied. We keken wat verbaasd naar die serieuze plechtigheid, anderhalve eeuw na dato. Dat, op zijn beurt, verbaasde onze tolk András. Herdachten wij het einde van de tachtigjarige oorlog dan niet? Destijds vond ik het prachtig, zoveel historisch bewustzijn. Nu ik haast dertig jaar later naar Nederland ter...

Straatkroniek: Scherpe pepers

Afbeelding
In de Turkse supermarkt bekijkt een vrouw de groene pepers met een kritische blik. "Zijn die scherp?" vraagt ze aan een jongen die bezig is de voorraden aan te vullen. Hij vindt van wel, maar als ik haar zo bekijk, komt ze ergens uit Oost-Afrika. Ik heb een paar keer Ethiopisch gegeten en vermoed daarom dat zijn scherp niet haar scherp is. "Ik denk niet dat u ze echt scherp vindt," zeg ik dan ook, en raad haar aan haar pepers bij de Surinamer aan de overkant of de Aziatische toko even verderop te kopen. Ze knikt, ze kent beide winkels, en ja, die hebben echte scherpe pepers, maar ze wil toch nog een keer weten of deze pepers nou scherp zijn. "Dan proeft u er toch een," zegt de jongen uiteindelijk zuchtend. Ze breekt bijt erin en schudt haar hoofd. "Niet scherp," zegt ze bits, "Helemaal niet scherp." Even later staat ze bij de kassa voor me, met een pak bulgur en, tamelijk verrassend na haar afkeurende gezicht, twee groene pepers in ha...